Mensen die ik gekend heb. Door Betsy Torenbos.

Tussen november 2017 en januari 2018 is ROODPALEIS, het huisgezelschap van de Nieuwe Kolk in Assen op tournee met het project Mensen die ik gekend heb. ROODPALEIS werkt met ‘oral history’ en dans-/bewegingsworkshops met bewoners van diverse woonzorginstellingen. De workshops worden in de ochtend gegeven in huiskamers, ’s middags spelen de acteurs de voorstelling Mensen die ik gekend heb, gebaseerd op de autobiografie van Jan Fabricius (Assen 1871-1964). Artistiek leidster Betsy Torenbos en haar collega’s vertellen over hun ervaringen.

Betsy: “We geven de workshops op verpleegafdelingen van zorginstellingen. Wat me daar het meest heeft getroffen, is het ‘wakker’ worden van de mensen en dan hun prachtige zielen even mogen ontmoeten.”

hoogst persoonlijk en gelijkwaardig

Ons team bestaat voor deze tournee uit vier mensen: Jo Willems (schrijver/dramaturg, theatermaker), Ben Smit (acteur, schrijver, theatermaker), Alina Kiers (actrice, theatermaker) en Betsy Torenbos (danseres/theatermaker/ masseur en artistiek leider ROODPALEIS). Door de vele talenten in deze groep kunnen we de bewoners op verschillende manier aanspreken. Verbaal, non-verbaal, via theater (rollenspel of toneel), via beweging, dans of mime of aanraking.

Betsy: “Het werkt het beste als we in een cirkel zitten en de gezamenlijke focus op één punt ligt. We beginnen voorzichtig met aanrakingsoefeningen en vertellen eigen herinneringen. dan merk je al gauw dat de bewoners ook ‘loskomen’. Vervolgens vertellen zij, in die veilige en rustige omgeving, eenvoudigweg wat in hen leeft. In het uur dat de workshop duurt, is iedereen gelijkwaardig. Een moment van ontspanning waar bewoners zich even aan de dagelijkse beslommeringen kunnen onttrekken. De ontmoeting met vreemde en lieve mensen, en een slagroomsoes bij de koffie blijken een waar cadeau! Ons belangrijkste instrument is de positie van gelijkwaardigheid: naar de ander toe bewegen. Dit betekent bijvoorbeeld letterlijk jezelf op gelijke hoogte plaatsen; kijken of je iemand kunt aanraken, letterlijk of via de ogen. We zoeken een ingang bij elke persoon, contact.

Je staat als workshopleider ten dienst van de ander maar geeft tegelijkertijd veel van jezelf. Het is letterlijk synchroniseren met de ander. Voorwaarde is dat wij onszelf  persoonlijk opstellen; dat we zelf ook een hoogst persoonlijke herinnering delen met de ander. Het belangrijkste is; dat die bewoner zich op dat moment (even) goed voelt. Onze eigen inbreng dient ervoor toegang te vinden tot de zielenroerselen bij de ander.”

Ben: “we noemen het een workshop, maar het is zoveel meer. Als er iets met de deelnemers gebeurt, gebeurt er ook iets met mijzelf. Eenzijdigheid is ver te zoeken. In de verhalenworkshop worden ervaringen gedeeld. Ik luister en ben diep onder de indruk van de levens die zich ontvouwen, over de liefdes, over gemis, over de grote rol van ouders. Die hoeksteen van onze samenleving zit behoorlijk als cement gebakken.”

Op zoek naar sleutels

Betsy: “Stel, je krijgt een groep van tien mensen. Het merendeel van de groep zit in een rolstoel. De een slaapt. De ander heeft pittige ogen, maar kan alleen de armen bewegen, weer een ander is nog maar 60 jaar maar heeft dementie, zit erg opgesloten in zichzelf. Weer iemand anders is juist ‘bij de hand’ en wil ook met woorden reageren. Wat ik bedoel te zeggen…dus een hele gemêleerde groep voor je. Unieke individuen zoals altijd. Geen mens hetzelfde. Terwijl ik daar stond om de mensen om me heen te activeren vond ik ‘een sleutel’. Ik vermengde verhalen vertellen met dans: ’Welke leeftijd heeft u? Hoe oud ben ik?’ De ene persoon zei: ‘ik ben 100’, een ander ‘ik ben 18’. Ikzelf werd 21 jaar oud i.p.v. 48.” Het werd een ontroerend spel.”

Ben: “Betsy zette muziek op en begon te bewegen. Ze raakte een man, een vrouw aan, vroeg ‘wat mag ik dansen?’ en opeens ontstond er een gezamenlijke concentratie, de hele groep was bezig was met die bewegingen, ontstaan in het moment. Iets wat je met verbale uitwisseling niet lukt. Waarom? Omdat we het praten al zo goed kennen? Mensen die fysiek aangeraakt worden, gaan open. Hun blik is anders, soms heel kort, soms wat langer. Bijna iedereen in de groep bleef kijken naar de bewegingen, naar de dans, alsof er iets met hen gezamenlijk gebeurde. Indrukwekkend om mee te maken.”

De workshops blijken ook het personeel sleutels te bieden, voor hoe je je op de afdeling iets ook creatief kan aanpakken, hoe je mensen anders kan benaderen. Zo hoorde Betsy bijvoorbeeld terug: ‘Misschien kunnen we de woonkamer anders gaan inrichten, dan kunnen we een intiemer met de mensen omgaan’. Stoelen in een kring zonder tafels geeft ruimte om te bewegen en aan te raken. Je kunt de mensen van voren benaderen, niet van achteren of van de zijkant als ze aan tafel zitten. En over een man die opgesloten zat in zichzelf zei een medewerkster: ‘misschien kunnen we soms even met hem dansen zoals jij dat deed!’.

De theatervoorstelling
De Drentse toneelschrijver Jan Fabricius (1871-1964) tekende op negentigjarige leeftijd zijn biografie op aan de hand van bijzondere anekdotes van mensen die hij tijdens zijn leven ontmoette: Mensen die ik gekend heb. Onze bewerking van de biografie door ROODPALEIS is een mozaïek van verhalen, Drie verhalen van Fabricius vormen de kern. Daarnaast nodigen de acteurs ook het publiek uit om zelf over de liefde, rouw, het leven of vriendschap te spreken.

Ben en Alina voeren je mee in Fabricius’ denken. Hij kijkt met lichte spot, liefdevolle mildheid en mededogen naar zijn personages.. Met hun interactieve spel creëren zij samen met het publiek een associatief herinneringsproces. Een spel met humor, maar geen klucht. De voorstelling is kwaliteitstheater op locatie, met passende muziek. Het thema, ‘Ik en de ander’ nodigt je uit naar jezelf te kijken via de mensen die je gekend hebt in je leven. Wie was belangrijk en wie niet. Welke verhalen horen daarbij? Leven en dood, de liefde, rouwen en feesten.

Jo: “Onze insteek is om iedereen aan het vertellen te krijgen over wie voor haar of hem belangrijk is of is geweest in zijn leven. Elke keer verbaas ik me er over hoeveel mensen vertellen, hoe open ze dat doen. Misschien kloppen de feiten van hun verhaal niet meer, maar dat neemt niet weg dat elk verhaal op dat moment waarachtig is en dat elk moment van geluk en ontroering telt. In ieders leven.”

Kom je niet bij ons werken?

Alina: “De ontmoetingen met de verzorgers en bewoners uit de zorghuizen maakten indruk omdat ik zag wat er iets gebeurt als je aandacht geeft. Mensen worden weer wakker als het ware, de waan van de dag verandert in zachte aanraking. Ik realiseer me, dat we dat kwijt aan het raken zijn. Door alle drukte en de sociale media zijn we vluchtiger geworden in onze contacten. Bij ouderen en mensen die leven met dementie wordt je gedwongen jezelf in een andere versnelling te zetten, wil je contact maken. De ouderen kunnen dat contact maken heel goed, ze kijken je doordringend aan. Als je met ze spreekt, bestuderen je als het ware. Ze reageren oprecht, ze hebben niets te verliezen.”

Aandacht voor elkaar daar draait het om. En dat is waar ROODPALEIS en de mensen die werken in de zorg elkaar vinden. Zorgmedewerkers staan open voor onze input. Een dame in De Wijde Blik (Assen) zei zelfs …’waarom kom je niet bij ons werken’. Een mooi compliment, maar het zet je ook te denken. Op welke manier kunnen de mensen die werken in de ouderenzorg het beter krijgen, de werkdruk is erg hoog.

Oral History en Dans in de zorg! Let us stay focused op de kwaliteit van leven van de bewoners.

Betsy Torenbos, januari 2017

Het project Mensen die ik gekend heb speelt nog:

  • 5 januari te Ruinen in ’t Neie Punt, Zorgcollectief Zuidwest Drenthe.  
  • 14 januari te Amsterdam bij Henriette Roland Holst, Evean 
  • 19 januari te Musselkanaal , in de Heggerank, Meander
  • 23 en 24 januari te Veendam, in de Veenkade en de Breehoorn, Meander

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *